Subsidies voor Plattelandsontwikkeling in Oost-Vlaanderen

Begin 2000 werd het Europese Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) grondig herschikt. Enerzijds werd de structuurfondsen geheroriënteerd, waarbij er naast het markt- en prijsbeleid een extra pijler bijkwam, namelijk het plattelandsbeleid. De sectorale invalshoek landbouw verbreedde zich tot een territoriale invalshoek gericht op beheer en ontwikkeling van het platteland. De lidstaten werden verantwoordelijk om een integraal plattelandsbeleid te voeren, wat in Vlaanderen werd toevertrouwd aan de provincies. Voor de nieuwe programmaperiode 2014 – 2020 werd het GLB opnieuw hervormd, dit maal met als doel om het concurrentievermogen en de duurzaamheid te verhogen en om doelgerichter te werk te gaan.De uitwerking van dit integraal plattelandsbeleid is deel van het Vlaams Programma voor Plattelandsontwikkeling (PDPO), wat dan weer verfijnd werd in het Uitvoeringsplan van het Oost-Vlaamse Platteland en in de verschillende Lokale Ontwikkelingsstrategieën van LEADER. Zo wordt het integraal plattelandsbeleid opgesplitst in 3 maatregelen waaraan Europese, Vlaamse en provinciale subsidies gekoppeld worden:

office-icons-document-free-stock-vectorMeer informatie? Uitvoeringsplan voor het Oost-Vlaamse Platteland of via de provinciale website

 

De LEADER-gebieden in Oost-Vlaanderen

In 1991 lanceerde de Europese Commissie het initiatief ‘Liaison Entre Actions de Développement de l’Economie Rurale’ (LEADER): een Europees initiatief dat tot doel heeft kwalitatief hoogstaande, geïntegreerde en originele strategieën voor een duurzame plattelandsontwikkeling te ontwikkelen en te ondersteunen die tot een verbetering van de leefbaarheid in het gebied leiden.

leader waardenDe LEADER-prioriteiten zijn hierbij:

  • sociale inclusie bevorderen;
  • armoede bestrijden;
  • economische ontwikkeling in plattelandsgebieden stimuleren.

 

In de praktijk krijgen LEADER-gebieden waarbinnen lokale actoren (zowel publieke instanties, middenveldorganisaties als private groepen) zich verenigen in een Plaatselijke Groep de verantwoordelijkheid en bijhorende financiële middelen om samen een visie of Lokale Ontwikkelingsstrategie voor het gebied uit te denken.. De Plaatselijke Groep selecteert projecten die met LEADER-middelen uitgevoerd kunnen worden. Het integrale, heel wat verschillende partners en sectoren die samenwerken, en het opbouwen van sociaal kapitaal, met lokale kennis, initiatief, motivatie en betrokkenheid, zijn belangrijke meerwaarden van LEADER.

In Oost-Vlaanderen werden de volgende LEADER-gebieden opgericht:

leader meetjesland

leader vlaamse ardennenleader waasland
Kaart LEADER.

 

Provinciale subsidiekanalen voor Oost-Vlaanderen

Omgevingskwaliteit door samenwerking

Aan de hand van de reeds vermelde Europa 2020-doelstellingen zijn de centrale inhoudelijke thema’s binnen deze maatregel: armoede, klimaat en werkgelegenheid. Daarnaast werd bepaald in het Vlaams Programmadocument voor Plattelandsontwikkeling dat deze maatregel ook sterk op landbouw gericht moet worden. Hierbij is de definiëring van de landbouwlink: “Het ingediende project moet een link hebben met landbouw, in de brede zin van het woord of met het platteland.” De landbouwlink is dus breed te interpreteren. Hierdoor kan, in de geest van de interne nota van minister-president Peeters, gesteld worden dat de maatregel op het platteland gericht is, maar men steeds de voordelen voor de land- en tuinbouw in het oog moet houden. Via samenwerkingsverbanden tussen verschillende plattelandsactoren zoals gemeenten, provincies en middenveldorganisaties kan binnen deze maatregel ingezet worden op de kwalitatieve inbedding van de huidige dynamiek binnen het Vlaams platteland. Daarnaast biedt deze maatregel ook kansen voor landbouwbedrijven die willen diversifiëren op het vlak van voedsel, natuur, recreatie, erfgoed, sociale voorzieningen,…

Omgevingskwaliteit door investeringen

De doelstellingen van deze maatregel zijn complementair met de doelstellingen binnen ‘De versterking van de omgevingskwaliteit en de vitaliteit op het platteland door samenwerking’. Deze maatregel is gericht op investeringsprojecten met een minder uitgesproken landbouwlink.

Platteland Plus

Een belangrijke toevoeging aan dit subsidiekanaal is de bijkomende maatregel Platteland Plus. Dit is een samenwerking tussen de provincies en de Vlaamse Overheid om het budget voor plattelandsprojecten op hetzelfde peil te houden als in PDPO II (2007-2013). Ondanks de verschillende voorwaarden en mogelijkheden tussen de bovenstaande maatregelen en Platteland Plus, heeft de provincie deze maatregelen verwerkt tot een functioneel geheel. Zo werden eerst de inhoudelijk doelen en acties opgesteld waarop de provincie wil inzetten 7 de komende jaren (zie Deel II van het Uitvoeringsplan voor het Oost-Vlaamse Platteland). Daarna werd aan de hand van de technische formaliteiten bepaald onder welke sporen deze doelen en acties vallen.

 

Plattelandsontwikkeling door samenwerking met de stedelijke omgeving

Deze nieuw maatregel ‘Plattelandsontwikkeling door samenwerking met de stedelijke omgeving’ is gericht op lokale voedselvoorziening en hernieuwbare energie en werkt aanvullend op Omgevingskwaliteit. Deze oproep werd gelanceerd in 2016. Er is op dit moment geen vervolgoproep voorzien.